“Wie bouten kan aandraaien, kan onze hallen monteren…”

Klik op de afbeelding om het artikel in PDF te lezen.
Philippe Somers, exportverantwoordelijke Frisomat:
‘Ons
machinepark is zeer kapitaalsintensief. Daardoor weegt de loonkost niet zwaar door
in de eindfactuur en kunnen we de productie in eigen land houden. Maar om voldoende
omzet te genereren, zijn we wel verplicht om te exporteren.’
Guy Somers,
directeur Frisomat:
‘Men zit in Brazilië
natuurlijk niet op ons te wachten. Maar we hebben
een product dat zijn waarde heeft bewezen en we denken dat we een plek op die
gigantische markt kunnen verwerven.’
Frisomat bouwt wereldwijd industriële gebouwen volgens een uniek concept. 80 %
van de omzet is exportgerelateerd, en Frisomat
steunt hierbij op niet minder dan veertien filialen. Sinds 2000 produceert Frisomat ook in Roemenië en volgend voorjaar wordt
een nieuwe fabriek in Brazilië operationeel. Toch blijft Wijnegem hét
belangrijkste centrum voor de productie, sales en O&O van Frisomat.
Vijfendertig
jaar ervaring en 20.000 referenties wereldwijd, dat kan tellen. De filosofie
van de broers Guy (64) en Philippe (57) Somers van Frisomat
is echter nog steeds dezelfde: snel en voordelig kwaliteitsvolle hallen bouwen
vanuit een aantal standaardconcepten.
‘Ons eerste
product was de gekende groene boogloods die je nog steeds zowat overal op het
Vlaamse platteland ziet staan. We hebben er daar zoveel van geplaatst dat men
die al gauw ‘een Frisomat’ is gaan noemen’, zegt Philippe Somers. ‘Dat leverde ons een geweldig
marketingprobleem op: de meeste mensen dachten dat we niets anders te bieden
hadden.’
Intussen heeft Frisomat een hele reeks industriële gebouwen in de
catalogus: productiehallen, showrooms, opslagruimten, tijdelijke hangars, landbouwloodsen
en – stallen, vliegtuighangars, manegegebouwen, sporthallen... al dan niet met
kantoorruimte ingebouwd. ‘Maar het zijn standaardproducten, die als een meccano
samengesteld zijn uit standaardelementen. We werken daarbij niet met ‘poutrellen’
zoals de klassieke staalbouwer, maar met zelfgevormde koudgewalste profielen in
hoogsterktestaal’, gaat Guy Somers verder. ‘Dat staal (1,5 tot 5 mm dik) kopen wij aan in de
vorm van coils die we zelf in een profileerstraat tot profielen plooien. Ook de
geïsoleerde wand- en dakplaten vervaardigen we zelf, net als de verschillende koppelstukken.
Omdat alles gegalvaniseerd wordt en er bij de montage geen laswerk aan te pas
komt – enkel een massa schroeven en bouten – zijn onze constructies enorm corrosiebestendig.’
Volledig
productieproces onder controle
Die profielen
hebben een hoge draagkracht in verhouding tot hun eigen gewicht (maak gerust de
vergelijking met golfkarton) en zijn tot 40 % lichter dan vergelijkbare stalen draagbalken.
‘Dat drukt de kostprijs van het materieel, maar ons machinepark
is echter zeer kapitaalsintensief. Daardoor weegt de loonkost relatief minder
door in de eindfactuur, zodat we een groot deel van de productie én van de
knowhow in eigen land
kunnen houden. We hebben daardoor ook het hele productieproces zelf onder
controle. Maar om voldoende omzet te genereren, zijn we wel verplicht om te exporteren’,
rekent Philippe, exportverantwoordelijke bij Frisomat.
‘En dan is het belangrijk om de transportkosten onder controle te houden, wat
eveneens de keuze voor lichtgewicht profielen verklaart.’ ‘Om de export te
vereenvoudigen, zorgen we dat alle onderdelen van een industrieel gebouw in een
veertigvoetcontainer kunnen: gemiddeld transporteren we 600 à 800 m² loods per container.
Bovendien moet elk onderdeel door twee man gemanipuleerd én gemonteerd kunnen
worden, zonder zware of dure hulpmiddelen.
Een vrachtwagenkraan volstaat. Dat
vergemakkelijkt de montage in het verre buitenland: eventueel kan er met een
supervisor en een ploeg lokale arbeiders gewerkt worden. Zolang ze bouten kunnen
aandraaien, kunnen ze onze hallen bouwen. Dat alles maakt ons bijzonder
prijsconcurrentieel.’ Frisomat heeft
een tiental standaardtypes in zijn catalogus, die allemaal in verschillende
uitvoeringen en afmetingen geleverd kunnen worden. ‘Door die standaardisatie
verloopt de werkvoorbereiding ook enorm snel: de klant kiest een model in
functie van het gebruik van het gebouw en de lokale statische belastingen zoals
windkracht en sneeuwlast, en bepaalt de afmetingen. Via zelfgeschreven software
genereren we een bouwplan en een materiaallijst van profielen en
verbindingsstukken. En omdat we continu een grote voorraad staal in huis
hebben, kunnen we onmiddellijk starten met de productie en de verzending’,
overloopt Philippe. ‘Vaak verlopen er maar enkele weken tussen bestelling en
oplevering. En de klant verwacht dat ook: door de moeilijke economische
omstandigheden wordt een investeringsbeslissing vaak uitgesteld, maar zodra de
knoop dan toch wordt doorgehakt, moet het snel gaan.’
Wereldwijd
actief
Een voorbeeld:
op 7 juli, nota bene vlak voor het bouwverlof, werd een contract getekend voor
de bouw van 8 ha
loodsen in het Afrikaanse Congo-Brazzaville. Op 17 augustus werden de
eerste onderdelen verscheept, in november was alle materiaal (75 containers!)
ter plaatse en kon de montage onder leiding van vier chef-monteurs beginnen…
Weinig mensen
beseffen dat Wijnegem een bedrijf van dit kaliber op zijn grondgebied heeft. ‘Nochtans
een uitstekende en logische keuze’, benadrukken de twee broers. ‘We hebben een
eigen laad- en loskade aan het Albertkanaal: de aanvoer van staal en de afvoer
van containers kunnen dus voor het overgrote deel over het water. Bovendien
ligt de haven van Antwerpen vlakbij. Wisselstukken voor onze productielijnen,
goed geschoold personeel… het is allemaal in de onmiddellijke omgeving te
vinden.’
Frisomat is intussen wereldwijd actief en beschikt daarvoor over 14 filialen
met lokale montageploegen. Na de buurlanden werden Zuid- en Oost-Europa
aangepakt, en steeds meer ook Afrika en Latijns-Amerika. ‘We werken het liefst
in landen waarmee we enige affiniteit en culturele verwantschap voelen. Azië
ligt ons persoonlijk minder’, geeft Guy
Somers toe. ‘Enkele projecten? Voor Rent-a-Port bouwden we een loods in the
middle of nowhere in Nigeria, voor Katoen Natie verschillende loodsen in
Uruguay, voor het Franse
Schneider achttien transformatorstations op Madagaskar… En soms gaat het
inderdaad om ‘moeilijke’ bestemmingen, zoals onlangs nog in Libië.’ De
productie vindt plaats in de 30.000
m² grote fabriek in Wijnegem, en sinds 2000 ook in
Roemenië waar onder meer dak- en wandplaten, dakgoten en allerlei toebehoren geproduceerd
worden, zowel voor eigen Frisomat-projecten
in Oost-Europa als voor verkoop op de lokale markt. De knowhow zit verspreid
over Wijnegem – met een eigen 20-koppig onderzoeks- en ontwikkelingsbureau en
een centrum voor fysieke testen op koudgewalste profielen – en Bulgarije waar
zes mensen instaan voor de programmatie van de software voor de
sterkteberekeningen.
150 ingenieurs
voor een jobaanbieding
‘Door de
uitgesproken crisis is het in Oost-Europa op dit ogenblik nog gemakkelijk om
goede ingenieurs te vinden: op een annonce in een Bulgaarse krant kregen we 150
reacties…’, zegt Philippe Somers. ‘Enfin,
hier moeten we ook niet klagen: we hebben continu stagiairs in het bedrijf en
veel van hen blijven bij ons. We trachten permanent nieuwe uitdagingen aan te
bieden en een goede sfeer te laten heersen. Mogelijk is dit de hoofdreden van
het bijzonder lage verloop.’
In totaal werken er bij Frisomat 380
mensen, waarvan 100 in
Wijnegem. Samen totaliseren ze een omzet van 50 miljoen euro. ‘We zijn niet
ongevoelig voor de crisis: 2009 was ons
slechtste jaar ooit. In Oost-Europa viel de omzet zelfs tijdelijk terug tot op
een derde. Maar momenteel groeien we opnieuw, vooral dan in West-Europa.’
Eindelijk bouwt
Frisomat ook nog eens voor zichzelf…
‘Mijn zoon Benoit leidde acht jaar lang Katoen Natie in Brazilië en heeft er nu
een gezin met drie kinderen. Die zien we hier voorlopig niet meer terug’, zegt
Guy Somers. ‘Wat voor ons de aanleiding is om in Campinas een eigen fabriek te
bouwen. Niet dat men in Brazilië op ons zit te wachten, maar we hebben een
product dat zijn waarde heeft bewezen. We denken dat we door een lokale
verankering ook in Brazilië een plek op die gigantische markt kunnen verwerven.
De economie draait daar trouwens bijzonder goed, en dat geldt eigenlijk voor
het grootste deel van Zuid-Amerika.’
Industrieel
condominium voor Europese bedrijven
Frisomat dacht er eerst aan een lokaal bedrijf over te nemen. ‘Van geen enkel
bedrijf dat in aanmerking kwam, bleek de boekhouding betrouwbaar te zijn’, vult
Philippe nog aan. ‘Bovendien moet je op sociaal vlak heel goed oppassen: het
gebeurt geregeld dat een bedrijf een claim krijgt – doorgaans wegens
gezondheidsklachten – van een medewerker die al jaren uit dienst is. Daarom
hebben we in 2010 zelf een bedrijf opgericht. We hebben 140 ha grond gekocht. Daarop
komt een eigen kleine fabriek van voorlopig 1200 m² die in maart 2012
operationeel zal zijn. De andere gronden zullen we ontwikkelen – uiteraard met onze eigen
bedrijfsgebouwen erop – tot een industrieel condominium voor Europese
bedrijven.’
We eindigen met een anekdote: in de inkomhal van Frisomat in Wijnegem herkenden we onmiddellijk een van
de ‘waterbanken’ die designer Frans Van Praet voor het Belgisch paviljoen
op de Wereldtentoonstelling van 1998
in Lissabon ontworpen heeft. ‘Dat paviljoen, eveneens
een ontwerp van Frans, heeft Frisomat
trouwens gebouwd.
Net als de
Paggadertoren, waarmee de Antwerps-Wase Kamer van Koophandel in 2002 haar
tweehonderdste verjaardag heeft gevierd. We bouwen dan doorgaans wel standaardgebouwen,
maar zo nu en dan willen we toch eens laten zien dat we staalbouwers zijn die
alles kunnen.’
www.frisomat.com
Personeel: 450
(waarvan 100 in
Wijnegem)
Omzet: 50
miljoen euro